Fanshop
Fanshop

HISTORISCH DUEL: NAC – FEYENOORD

De spanning sloeg toe naarmate de maand april in 1999 vorderde. Hoe lang zou het nog duren voordat het veertiende landskampioenschap werd binnengehaald? Het was de vraag die alles en iedereen rondom Feyenoord bezig hield en de sportieve prestaties niet bevorderden. Het had twee draken van wedstrijden tegen de latere degradant NAC tot gevolg. Maar de vier punten die de Rotterdammers uit die tweestrijd peurden, bleken uiteindelijk voldoende voor de titel. Bert Konterman blikt nog eens terug.

Overtuigend verliep het allerminst met dat zeker lijkende kampioenschap in het vooruitzicht. Na een saaie 1-0 zege op Sparta, kwam Feyenoord een week later op een 0-2 achterstand tegen FC Utrecht. Zoals het aan zijn stand verplicht was, boog de formatie van Leo Beenhakker de achterstand om in een sensationele 4-2 zege. Het kon echter niet verhullen dat het almaar moeizamer ging. Drie dagen later volgde de uitschakeling in de Amstel Cup door Ajax, waarna de Rotterdammers afreisden naar Breda. Daar stond het duel met NAC op het programma. Het resultaat was een draak van een wedstrijd. Maar zoals wel vaker pakte Feyenoord ondanks het slechts spel wel gewoon de drie punten (0-1). Even leek het erop dat het nog diezelfde week D-day zou zijn als Feyenoord op woensdag de laatste benodigde punten voor de titel in de wacht zou kunnen slepen tegen Roda. Burgemeester Wöltgens van Kerkrade verbood de wedstrijd echter uit angst voor ongeregeldheden. Feyenoord moest nog even geduld hebben, wat natuurlijk ergens wel goed uitkwam. ´Want´, zo zegt Bert Konterman jaren later aan, ´niks is mooier dan kampioen worden in je eigen stadion.´

Met het kampioenschap binnen handbereik werd het wel steeds moeilijker, blikt Konterman terug. ´Voor jongens zoals Paauwe en ik, die opeens heel snel carrière maakten, kwam er spanning bij kijken. Maar toch bleven we winnen. Vaak hadden we in de spelerstunnel al het gevoel dat we gingen winnen. Dat vertrouwen hadden we, een merkwaardig fenomeen. Die uitwedstrijd tegen NAC was ook heel slecht, maar toch pakten we de drie punten. De week daarop gold hetzelfde verhaal. We wonnen niet, maar werden door het gelijkspel uiteindelijk wel kampioen. Die spanning merkte ik overigens in de thuiswedstrijd, want door een foutje van mij kwam NAC op voorsprong in De Kuip. Er viel daarom een ontzettende druk van ons af toen de buit eenmaal binnen was. De druk was eraf, eindelijk.´

Na de zege in de uitwedstrijd tegen NAC heerste er geen jubelstemming in de kleedkamer van Feyenoord. Sterker nog: de atmosfeer was uiterst koel voor een ploeg die zojuist weer drie punten aan het totaal had toegevoegd en op het punt stond de kampioensschaal te veroveren. Leo Beenhakker zei na afloop van de wedstrijd dat hij het ´een prettige bijeenkomst´ vond, te hebben gemerkt dat zijn spelers de overwinning niet uitgelaten wensten te vieren. ´Mijn spelers realiseren zich kennelijk zelf ook dat ze niet groots hebben gespeeld. Dat is een hoopgevende gedachte.´ Toch kwam Feyenoord niet in de problemen tegen de voortstrompelende thuisploeg. De Rotterdammers namen vlak voor rust de voorsprong via Jon Dahl Tomasson en hadden genoeg aan die minimale marge. Feyenoord won en was nog maar één wedstrijd weg van die felbegeerde titel.