Fanshop
Fanshop

BERICHT UIT PORTUGAL (3): NICKY HOFS DROOMT VAN FINALE

Opgezadeld met een torenhoog verwachtingspatroon stevende Jong Oranje op een roemloze EK-uitschakeling af. Maar met de eerste zege op het toernooi bereikte de ploeg maandagavond verrassend de halve finale, waarmee de bedrukte stemming plotsklaps omsloeg in het optimisme dat voor het begin van het toernooi al heerste. ‘De negatieve start is naar de achtergrond, we staan in de halve finale en beginnen weer op nul. Nu we zover zijn gekomen moeten we voor niets anders dan de finale gaan’, blikt Nicky Hofs enkele uren na de zege op Italië vooruit op het duel met de Fransen.

Nicky Hofs: ‘Het was geen leuk weekend na dat gelijkspel tegen Denemarken. Eén punt uit twee wedstrijden is natuurlijk teleurstellend. Iedereen was ontzettend positief voor het toernooi, maar de kans op het bereiken van de halve finale was daarmee fors geslonken. Toch merkte ik dat we er de afgelopen dagen allemaal nog in geloofden. Ook ik, want zo lang er een kans is om door te gaan, is er reden tot vertrouwen. Italië is regerend Europees kampioen, maar natuurlijk niet onverslaanbaar. We wisten wat ons te doen stond.’

‘Het was een moeilijke wedstrijd. We domineerden, werkten hard maar creëerden weinig. Het stond goed bij hun achterin, maar gelukkig hielden we de rust en geloofden we in dat ene moment. Dat het doelpunt viel, was geweldig. En dat we het vasthielden en ons plaatsten bij de laatste vier zorgde voor een grote blijdschap. En opluchting, want uitschakeling in de groepsfase had gezien de kwaliteit van deze groep niet gemogen. Gelukkig zijn we langzaam maar zeker beter gaan spelen. Tegen Denemarken speelde ik al beter dan tegen Oekraïne. Vandaag heb ik hard gewerkt en voor mijn gevoel goed gespeeld. En dat gold niet alleen voor mij, maar voor het hele team. We lijken op tijd in vorm te komen.’

‘Ik ben blij dat we nog zeker een aantal dagen in Portugal blijven. Om het voetbal dan, want daarbuiten valt er weinig plezier te beleven. Er is hier in de omgeving niets te beleven. Op de momenten dat er niet wordt gerust, gegeten of getraind, zitten we op de hotelkamer. We kaarten of kijken een dvd. Het is niet de leukste tijdsbesteding, maar daar gaat het ook niet om. Het draait om het EK en de twee wedstrijden die ons nog van de titel afhouden. Daar moet de focus natuurlijk op liggen.’

‘Vertrouwen heb ik uiteraard in de halve finale. Italië was een sterke tegenstander en ik verwacht dat we het donderdag niet makkelijker krijgen. Frankrijk heeft in de groepsduels nog geen doelpunt tegen gekregen en zich met alle gemak geplaatst. Dat was voor ons wel anders. Maar dat hoeft niets te zeggen. De moeizame start van het toernooi is al zowat vergeten, iedereen kijkt met een positief gevoel vooruit naar de halve finale en beseft dat we weer op nul beginnen. Nu we zover zijn gekomen, moeten we maar voor één ding gaan: de finale.’