Fanshop
Fanshop

BOSSCHAART BLIJFT EEN ‘ECHTE VOLKSJONGEN’

Vanuit zijn appartement kijkt hij zo op De Kuip uit. Maar Pascal Bosschaart voetbalt niet bij Feyenoord, maar bij FC Utrecht. ‘Ik ben een echte volksjongen en voetbal graag bij een club van het volk. Misschien speel ik niet altijd goed, maar ook als dat gebeurt, moet je je honderd procent geven’, zegt de speler, die zondag tegen Feyenoord aantreedt, in het eerste deel van een groot interview op www.feyenoord.nl.

Pascal Bosschaart komt uit een echte voetbalfamilie. Niet alleen zijn moeder en vader waren fervente voetballers, ook de kinderen raakten al op jonge leeftijd besmet met het sportvirus. ‘Een broertje van me is A-sportief, de rest van het gezin doet of deed aan voetbal’, zegt de speler van FC Utrecht. ‘Mijn moeder was altijd keepster, maar vanwege een gecompliceerde beenbreuk moest ze stoppen. Ook mijn vader, die op hoog amateurniveau acteerde, moest noodgedwongen ophouden met voetballen. En mijn jonge broertje Yoeri speelt nu in de A1 van de Sportclub Feyenoord. Hij is een centrale verdediger, die fysiek zijn mannetje kan uitschakelen. Misschien zal hij niet het allerhoogste bereiken, maar talent heeft hij zeker. We praten onderling ook vaak over het voetbal. Ik ga geregeld bij hem kijken en soms geef ik hem wat tips. Maar hij doet dat ook bij mij. Yoeri weet waarover hij het heeft, hij speelt niet voor niets bij Feyenoord.’
Naast het actief deelnemen aan het voetbalspel, zijn de Bosschaarts ook al hun hele leven fan van Feyenoord. ‘Mijn ouders hebben nog steeds een seizoenkaart’, zegt Pascal. ‘Ze gaan graag kijken, al komt mijn moeder natuurlijk nu bij Utrecht omdat ik daar nu speel. Afgelopen weekend ben ik met mijn broertje en moeder nog naar Feyenoord – Ajax geweest.’

Pascal heeft in het verleden ook voor Feyenoord gespeeld. Al op vijfjarige leeftijd meldde hij zich aan de poorten van Varkenoord. ‘Op die leeftijd mag je nog niet aan wedstrijden meedoen, dus in mijn eerste jaar heb ik alleen getraind. Vanaf mijn zesde heb ik alle jeugdelftallen doorlopen. Het waren fantastische jaren. Ik heb bijvoorbeeld prachtige trips gemaakt en op verre toernooien gespeeld.’ Door dat intensieve voetballeven is de school er een beetje bij ingeschoten. ‘Je kunt wel zeggen dat ik die verwaarloosd heb. Ik had er meer lol dan zin om te leren. Ik heb later, na mijn vbo, wel mijn trainersdiploma’s II en III gehaald. Maar tijdens mijn schoolperiode leefde ik eigenlijk altijd al alleen voor het voetbal’ Die sport bracht hem ook naar Utrecht. Bij Feyenoord was het indertijd de gewoonte om eerstejaars B-spelers te laten voetballen bij de B van de Sportclub. Bosschaart voelde daar weinig voor en mocht als zestienjarige een seizoen aansluiten bij het eerste van de Sportclub. Daar viel hij zo op, dat FC Utrecht hem overhaalde naar de Domstad te komen. ‘Achteraf was dit de beste keuze die ik kon maken. Indien ik de club nu zou verlaten, zal dat best moeilijk worden. Ik heb er Europees gespeeld en de beker gewonnen. Bovendien heb ik er altijd de waardering van het publiek.’
 
Bosschaart paste ook precies bij een club als FC Utrecht. ‘Ik ben een echte volksjongen en voetbal graag bij een club van het volk. Ik zal er altijd alles aan doen om te winnen. Misschien speel ik niet altijd goed, maar ook als dat gebeurt, moet je je honderd procent geven, vind ik. Feyenoord en FC Utrecht zijn qua clubs vergelijkbaar. Als je hard werkt, krijg je waardering. Of ik ooit naar Ajax zou gaan? Ik heb niet de technische begaafdheid om het daar te maken. En als ik de keuze zou hebben tussen de drie topclubs, dan is het heel eenvoudig.’

Vooralsnog speelt Bosschaart bij FC Utrecht. Die club is bezig aan een seizoen vol ups en downs. ‘Tot en met de wedstrijd tegen Heerenveen deden we het heel aardig. We hadden vijf keer op rij gewonnen en dat was een evenaring van een oud record. Tevreden over dit jaar ben ik niet, dat moet je nooit zijn. Toch kunnen we nog steeds zesde worden. En het spelen van de bekerfinale zou het ultieme plaatje zijn. Alleen jammer dat ik er zelf vanwege een schorsing niet bij kan zijn. Ik weet nog hoe fantastisch het was, afgelopen jaar nadat we de cup hadden gewonnen. Daar denk ik nog geregeld aan terug.’

Vrijdag deel 2 van het Pascal Bosschaart interview.

Foto: FC Utrecht