Fanshop
Fanshop

Fer uitgegroeid tot één van de leiders van Feyenoord

Leroy Fer speelde tijdens de voorbereiding op het nieuwe seizoen nog geen minuut in de hoofdmacht van Feyenoord, maar de rentree van de middenvelder is aanstaande. Fer kampte de voorbije weken met lichte liesklachten, die inmiddels zo goed als over zijn. ‘Als je na de zomerstop weer gaat trainen kun je last krijgen van wat kleine pijntjes’, zegt Fer tijdens het trainingskamp in Zeeland. ‘Mijn lies is nog een beetje gevoelig, maar als het goed is speel ik op korte termijn mijn eerste wedstrijd van de voorbereiding.’
De jeugdinternational staat aan de vooravond van zijn derde volledige seizoen in de hoofdmacht van Feyenoord. De pas twintigjarige middenvelder ontwikkelde zich de laatste jaren in rap tempo van groot talent tot onbetwiste basisspeler. Voor komend seizoen is hij door Feyenoord-trainer Mario Been zelfs benoemd tot vice-aanvoerder van de Rotterdamse club. ‘Dat is iets ongelofelijks moois’, zegt Fer. ‘Ik ben blij dat ik zo jong al deze belangrijke positie kan bekleden in het elftal. Dit is een blijk van vertrouwen van de trainer.’



Been vroeg onlangs in een persoonlijk gesprek aan Fer wat hij er van zou vinden om na eerste aanvoerder Ron Vlaar als vice-aanvoerder op te treden binnen de selectie. ‘De trainer vindt dat ik een voorbeeldfunctie heb en de andere spelers moet helpen’, zegt Fer. ‘De afgelopen 2,5 jaar heb ik bijna geen wedstrijd gemist en daardoor al aardig wat ervaring. De trainer zegt dat ik die moet gebruiken, zeker nu er zoveel jonge jongens bij zijn gekomen. Ron Vlaar is het eerste aanspreekpunt, maar als een van de andere spelers ergens mee zit, moet hij ook naar mij toe kunnen komen.’



Dat Fer al zo jong is uitgegroeid tot een van de bepalende spelers van Feyenoord en dat nu in de vorm van het vice-aanvoerderschap ook symbolisch bevestigd ziet, legt geen extra druk op de schouders van de middenvelder. ‘Ik krijg meer verantwoordelijkheden, maar weet hoe dat is’, zegt hij. ‘In de jeugd was ik aanvoerder. Ik durf wat te zeggen, maar sta aan de andere kant ook open voor coaching.’



Fer noemt het vice-aanvoerderschap ‘een stimulans’, maar het zal zijn hang naar zelfontplooiing niet verder opstuwen. ‘Het zou kunnen dat de trainer me hiermee wil prikkelen’, zegt hij. ‘Maar de drang tot verbetering zat toch al in me. Het is mooi dat ik zo jong al in deze positie zit, maar ik ben er nog lang niet. Ik heb het naar mijn zin en doe mijn best, maar ik wil altijd meer. Dat de trainer me vice-aanvoerder heeft gemaakt is weer een stap in mijn ontwikkeling.’