
Het leeuwendeel van de ambitieuze pupilletjes woonde in de nabijheid van de Kuip, maar sommigen kwamen van de andere kant van de Maas. Wim Jansen was er zo een. De latere Mister Feyenoord, die in 1956 koud twee maanden na zijn tiende verjaardag lid werd van de club van zijn idool Coen Moulijn, gaat nog altijd door voor de grootste voetballer die via Varkenoord in Feyenoord I terecht kwam.
'Vreemd hé, maar als ik aan Feyenoord terugdenk, gaan mijn gedachten altijd het eerst naar Varkenoord', zei Wim Jansen ooit, toen hij zijn voetbalschoenen al lang en breed aan de wilgen had gehangen. Goed beschouwd is de redenering van de 65-voudig international niet eens zo merkwaardig. In later jaren zou hij weliswaar met het keurkorps van de club de Europacup I en de Wereldbeker in de prijzenkast stallen, maar op Varkenoord beleefde hij avonturen die hem als voetballer en als opgroeiende jongeman vormden. De ervaringen in zijn eerste pupillenteam, het 'Van Heel-elftal' - waarvan hij aanvoerder was - maakten een onuitwisbare indruk op de kleine Wim.
'Jarenlang heb ik op Varkenoord rondgezworven. Als je 's middags om half zes moest trainen, was je er al om twee uur: een beetje helpen, cornervlaggen uitzetten, dat soort dingen', herinnerde Jansen zich later. Wanneer bet joch met zijn ploeggenoten een uitwedstrijd moest spelen bij Xerxes, in bet noorden van de stad, was bet verzamelen geblazen bij bet eindpunt van tramlijn 9 aan de Lange Hilleweg. De knulletjes kropen achterin de wagon bij elkaar en hadden dan de grootste lol.
Zonder een bataljon vrijwilligers hadden al die jeugdleden nooit op een fatsoenlijke manier de clubkleuren kunnen verdedigen. Daan Buitelaar bijvoorbeeld, stond in de jaren vijftig en zestig in dienst van Wim Jansen en zijn maatjes. 'Ome Daan' had de gewoonte om in zijn smetteloze pak en met een fraaie hoed op als grensrechter op te treden. Zijn hagelwitte zakdoek gebruikte hij als vlag. Jaap Oudijn, als terreinknecht de opvolger van Leen Barendregt, was ook zo'n karakteristiek persoon op Varkenoord.
Hij werd beschouwd als een vaderfiguur, wat gezien zijn gezin met elf kinderen niet zo verwonderlijk was.
Bron: o.a. Feyenoord Compleet, Waanders Uitgeverij