DE TRAINERS | KEIN GELOEL

In 1966 was Ernst Happel trainer bij ADO. In een interview zei hij dat Feyenoord al lang aan de Europese top had moeten staan. 'Waarom schijnt geen enkele trainer daar te aarden? Wat is er mis?', vroeg Happel zich af. Feyenoord reageerde verontwaardigd op deze flirt, maar in 1969 kwam de Oostenrijker toch naar de Kuip.

Één jaar later had hij Feyenoord de Europacup en de Wereldbeker bezorgd. Happel presteerde dat met een 4-3-3- formatie, waarmee dus opnieuw een aanvaller uit de opstelling was verdwenen. Inmiddels waren er ook steeds meer full-profs gekomen en was de tijd voorbij dat er in de avonduren werd getraind.
Happels spelers staken na het veroveren van de Europacup de loftrompet over de man die zelf als speler van Rapid Wien en het Oostenrijkse nationale elftal een vedette was geweest. Ze roemden de manier waarop hij de spelers tactisch en mentaal had voorbereid op de grote wedstrijden. Zijn wedstrijdbesprekingen waren kort maar krachtig en zijn voorspellingen over de speelwijze van de tegenstander kwamen altijd uit. Individuele gesprekken met spelers voerde hij niet. Zijn lijfspreuk luidde: 'Kein Geloel', maar met de ene opmerking die hij wel maakte sloeg hij de spijker altijd op zijn kop. Op het trainingsveld maakte hij zelf indruk met zijn geweldige traptechniek.

Bijzonder was Happels haat- liefdeverhouding met Willem van Hanegem, zijn dwarse dirigent op het veld. Bij Happel hadden topspelers een streepje voor. Met jonge wisselspelers als Ruud Geels en Henk van Leeuwen bemoeide hij zich niet en de oudgedienden Eddy Pieters Graafland en Cor Veldhoen verwees hij zonder pardon naar de reservebank.

In het seizoen 1970/71 was Happels prestatie misschien nog wel groter dan in zijn eerste jaar. Na het winnen van de Wereldbeker en de dramatische uitschakeling tegen het Roemeense UT Arad in de eerste ronde om de Europacup I in September 1970, moest hij de spelers opnieuw opladen. Een zwaar bevochten kampioenschap was de beloning aan het eind van de rit.

Ernst Happel (1969-1973)
De 51-voudig Oostenrijkse international kwam per 1 juli 1969 in dienst van Feyenoord. Daarvoor was hij trainer van ADO, waarmee hij de KNVB-Beker won. In 1970 behaalde hij met Feyenoord de wereldtop. Zowel de Europacup voor landskampioenen als de Wereldcup kwamen naar Rotterdam. In 1971 behaalde hij het landskampioenschap. In 1973 vertrok hij naar het Belgische Club Brugge. Happel wordt gezien als de beste trainer die de Rotterdammers hebben gehad. Nadien won hij nogmaals de Europacup I (HSV) en werd met het Nederlands Elftal in 1978 tweede op het Wereldkampioenschap in Argentinië. Hij stierf in 1992 in het harnas: als trainer van de nationale Oostenrijkse selectie.

INTRO | WONDERELIXER | DE WONDERDOKTER | DE EERSTE OUD-SPELERS | DOMBI'S TERUGKEER | MEER WIJZEN UIT HET OOSTEN | KEIN GELOEL | MENS | KAPPEN EN DRAAIEN | BERGAFWAARTS | OPNIEUW OUD-SPELERS | ABSOLUUT DIEPTEPUNT | HERSTEL ONDER JANSEN | KROMME AAN HET ROER | ANALYTICUS HAAN | DE BESTE VAN NEDERLAND | NIEUWE EUROPESE ROEM | OP ZOEK NAAR SUCCES